
De cartoons van Argibald, pseudoniem van Willem Bentvelzen, zijn absurdistisch en moeilijk na te doen als je ze wilt verkondigen aan een ander. Of je moet altijd een kettingzaag bij je hebben maar dat zou in het geheel niet de 93 cartoons dekken van zijn boek. Dus ik begin waar ik meestal mijn column mee eindig: Koop dit boek voor € 9,90, je kunt er hard om lachen en lachen is gezond.
Argibalds derde bundel Als Vader Abraham van huis is… , is verschenen bij uitgeverij Xtra. Zijn tweede boek Lief dagboek (uitgeverij Beedee), is in 2006 verschenen en gerecenseerd in deze column. Het werd dus echt tijd voor een derde uitgave. Hij tekent voor wat grote bladen en tegenwoordig zelfs voor het Feyenoord magazine. De kroontjespenstijl is gelukkig nog steeds het eerste dat in het oog springt. De ouderwetse techniek van kroontjespen en inkt heeft het voordeel dat je in een lijn de dikte kunt variëren. Hele kleine stipjes en lijntjes verrijken soms de binnenkanten van objecten en mensen. Maar het blijven sobere maar zwierige lijntekeningen waar het plezier van pen- en inktgebruik vanaf straalt. Gummbah, Kamagurka en Hein de Kort zijn voorbeelden van Argibald en in die traditie zou je het kunnen plaatsen. Ware het niet dat hij zijn eigen hoek verovert heeft. De soms Picasso-achtige hoofden verraden (in zijn vrije tekeningen nog sterker aanwezig) dat hij vaak begint met lijnen waar dan een mombakkes uit ontstaat. Tel daarbij de absurde kwinkslagen die soms naar actuele zaken verwijze, naar historische feiten of de algemene waarheden, wreedheden en cliché’s van onze maatschappij, dan handelen over dood, sex en geweld en je hebt een goede cartoonist. Zijn cartoons verraden een verfrissend vermogen vele zaken op meerdere manieren te bekijken en niet op autopiloot in een onderwerp te blijven hangen. Het enige nadeel vind ik dat de cartoons scherper gedrukt hadden moeten worden. Ik zie dat de zwarte lijnen wat pixelig zijn aan de randen en dat is zonde van de zwierige lijnvoering van Argibald. Een kroontjespen geeft op goed papier altijd messcherpe randen. De achtergronden zijn daarentegen hier en daar in en bedoeld raster lichtgrijs gedrukt wat een mooie, subtiele diepte geeft aan de tekeningen.
De voorkant met 2 op z’n hondjes neukende smurfen en 1 smurf die staat te wachten in volle paraatheid (dit verklaart wat smurfen doen als vader Abraham van huis is) is dus gelukkig geen voorbode van honderden smurfgrappen. Daar is een andere cartoonist al veel te bedreven in. Argibald tekent een naakte vrouw die naast haar man in bed ligt, hij met zijn neus in een boek, zij zegt: Schat… ik wil een kind…, hij zegt: Dan ga je toch gewoon naar de kelder duifje… Het kleine nachtkastje met een normale wekker, een raam met open gordijntjes waar nog net een half maantje door te zien is, de vette letters in stevige, hoekige ballonnen. Meer is niet nodig, de tekst maakt de omgeving creepy genoeg.
Of hoe de jonge Winnetou zijn droom, om in een homo-erotische boyband met een bouwvakker, polititagent en een cowboy te zitten, achterna gejaagd ziet door zijn familie. Als je de cartoon ziet, wordt het begrip een ‘droom achterna jagen’ heel anders benadert….En een Gersten Hofnat, de man die alle porno op internet zag, een kale man met 17 wallen onder zijn ogen, moedeloos zijn te grote hoofd leunend in zijn hand met daarin een smeulende sigaret. Hetzelfde koffertje dat telkens bij vele personages terugkeert is een geinig gegeven. Of twee dikke mannetjes die radiobestuurbare vliegjes boven een magere afrikaan in de woestijn laten vliegen, waarbij de een concludeert Topvliegjes!!
Gelukkig kan er ook een voorbeeld bij deze column afgedrukt worden. Deze cartoon is actueel voor degenen die bij het concert van Black Heart Procession waren op 28 november. Ja, voor negers uit San Diego (de bassist Jovy Buts) zijn de zwarte pieten van Sinterklaas onbegrijpelijk. Ondanks zijn oppperste verbazing over z’n onverwachte aanschouwing van onze jaarlijkse terugkerende witte bebaarde gabber en zijn zwarte gevolg, ook hilarisch genoeg voor een half uur krom liggen van het lachen…het is niet uit te leggen, het historische schoorsteenverhaal ging er echt niet in.
Aimee Terburg (Vera Krant)
Mike's Web recensie (Als Vader Abraham van huis is...)
Metro recensie
"Ik val op verkeerde mannetjes", zegt een vrouw tegen een vriendin. Naast haar staat een klein mannetje met een gewei op zijn hoofd, een misvormd gezicht en een staart. Absurdistische humor op zijn best, gemaakt door Willem Bentvelzen, alias Argibald. De in Als Vader Abraham Van Huis Is... gepubliceerde grappen verschenen eerder in Rails, Zone 5300 en op 3voor12 en FOK.nl. "Een toekomstige toiletklassieker", zo omschrijft uitgeverij Xtra de verzamelde, in zwart-wit met prettige dikke lijnen getekende Argibaldiaanse humor. Argibald zweeft ergens tussen Gummbah, Hein de Kort en Kamagurka en mag ook buiten de wc gelezen worden.
(vier sterretjes)
Ruben Eg (Metro)
Bizarre cartoons in een grillige, vet aangezette stijl. De sterkste grappen zijn wel de simpelste: overstekende man met protestbord "Stop de humor" die over een bananenschil dreigt uit te glijden.
Rik Sanders (Stripschrift)
Artikel “Ons Utrecht”
Het geheim van de smid is in zijn geval de kroontjespen. Het is dat eenvoudige schrijfgerei, waarin de meeste cartoons en tekeningen van Argibald hun oorsprong vinden. Cartoonist en tekenaar Willem Bentvelzen doet het even voor: hij zet achteloos een paar lijntjes en nog maar een paar tellen later lijkt er op het papier een hoofd zichtbaar te worden. "Dat gebeurt altijd. Er komt altijd een figuurtje naar voren. Een vrouwtje of een mannetje. Of een vogeltje, dat kan ook." Er zijn mooie fineliners, van die moderne stiften, waarmee je ook kan tekenen. Bentvelzen zweert echter bij de kroontjespen en inkt. "ik heb in de tijd dat ik op school zat geprobeerd te tekenen wat ik in mijn hoofd zag. Dat probeerde ik naar het papier over te brengen, maar dat lukte nooit zoals ik wilde. Wat wel lukte, was dat ik met een kroontjespen allerlei lijnen kon uitzetten die soms tot iets moois leidden, zoals allerlei figuurtjes. Vaak lukte het ook niet. Ik heb stapels met mislukte pogingen hier in de kast liggen. Na een tijdje kijk ik ze nog eens door en vind er dan soms toch nog een waarmee ik iets kan doen. Maar de meeste gooi ik dan weg."
Als er dan een figuurtje op papier staat, begint voor Bentvelzen, of eigenlijk Argibald, zoals hij zich als cartoonist noemt, de zoektocht naar inspiratie voor een tekst. Ik teken bijvoorbeeld een raar mannetje met heel gekke tepels. En dan verzin ik er later bij dat hij die gebruikt voor het tappen van koffie. Heel soms is het andersom en heb ik een tekst die ik later voorzie van een tekening. Zelf vond ik "Als gehandicapte bouwvakker kun je wel fluiten naar de vrouwtjes" wel een aardige inval. Maar het mooiste is toch altijd weer als tekst en beeld elkaar aanvullen. Dat zijn de tekeningen die voor mij de krenten in de pap zijn."
Op de tafel voor hem ligt zijn nieuwe cartoonbundel met negentig absurdistische tekeningen. "Ja, ik noem het ook absurdistische cartoons. Ze zijn getekend in de traditie van Gummbah, Kamagurka en Hein de Kort, die voor mij zeker voorbeelden zijn. Maar in het spel met de lijnen voel ik me ook verwant met Picasso. Zoals die in zijn vrijheid met lijnen omging, spreekt me zeker aan. Maar het allerbelangrijkste is dat ondanks alle invloeden die te zien zijn, ik aan een eigen stijl en vorm werk. Een stijl en vorm die ook iets over mij zeggen."
Zegt het iets over de stijl en vorm van Argibald dat de cover van zijn nieuwe boekje drie corpulerende smurfen laat zien onder de aanstekelijke titel "Als Vader Abraham van huis is"? "Seks. Dat zit in veel van mijn tekeningen." En dan een beetje verontschuldigend zegt hij: "Ik kan me bedenken dat mensen bij die smurfen denken: wat een banale jongen is die Argibald. Maar seks is iets wat door de eeuwen heen geinspireerd heeft tot kunst. Net als de dood overigens. Humor heeft ook veel met die thema's, omdat iedereen er mee te maken heeft. Iedereen kan de wereld invullen naar zijn eigen beeld, maar daarachter zijn we allemaal hetzelfde. Lijfelijke mensen met onze lusten en emoties. Het is wat ons bindt en we zijn in die thema's uniform. Dat maakt het daarom ook zo aantrekkelijk om er grappen over te maken. Kijk maar naar wat stand-up-comedians doen. Daar zit ook altijd veel seks en dood in."
De corpulerende smurfen waren een inval van Argibald toe hij zich afvroeg wat die stripwezentjes zouden doen als hun "God" Vader Abraham van huis zou zijn. "Ze slaan los. Ze verliezen alle waardigheid en gaan massaal aan het seksen. Dat losgeslagene is voor mij iets van deze tijd. ik zie een televisieprogramma waarin iemand moeilijk opvoedbare kinderen iets probeert bij te brengen. Het zijn echter niet de kinderen, maar de ouders van die kinderen die iets bijgebracht zou moeten worden. We zijn helemaal losgeslagen, denk ik dan."
Naar zichzelf kijkend, vindt Argibald dat hij niet zo'n losgeslagen jongen is. "Toen ik jonger was, was ik veel rebelser. Ik trapte tegen de docenten aan op de opleiding. Maar toen ik de opleiding had verlaten, had ik niemand meer om tegenaan te trappen. Ik kwam erachter dat ik mezelf meer verantwoordelijk gedrag moest geven. Het speelse kind in mij is nog wel gebleven, maar ik rebeleer stukken minder. Ik speel in een zandbak en weet dat de randen van de bak mijn grenzen zijn. De vrijheid die ik daarbinnen heb, gebruik ik . Maar ik ken mijn verantwoordelijkheden. Zo'n Tekenaar als Gregorius Nekschot, daar schaam ik me dan ook kapot voor. Die man projecteert met zijn tekeningen alles op een geloof. Als je zijn tekeningen als een auto uit elkaar haalt, zie je dat zijn woede alleen maar gericht is op moslims. Hij is iemand die zich tekortgeschoten voelt en zijn grieven daarover bij de moslims legt. Die om het provoceren met een burka op bij Pauw en Witteman gaat zitten. Als hij per se onherkenbaar wilde blijven, had hij dat ook met een petje en zonnebril op kunnen doen.
Ik kijk altijd heel goed naar wat de grenzen zijn. Mijn zandbak is het stuk papier dat voor me ligt en waar ik met mijn lijnen aan de gang kan. Maar dat doe k zonder dat ik bewust iemand zou willen beledigen met mijn grappen. Ik wil wel humor over geloof kunnen maken. Maar het is een van de moeilijkste onderwerpen. Ik heb een tekening van jezus aan het kruis gemaakt, die tegen een Romeinse soldaat zegt: knuffelen? Dat vind ik geestig maar ook een teken van barmhartigheid. Maar nadat het in Sp!ts gepubliceerd was geweest, kwamen er brieven van lezers die zich bespot voelde in hun geloof. Daar heb je het dan. Hoe komt een tekening over? Ik wilde er beslist geen rode lap voor een stier mee zijn. Ik ben eerder iemand van de verzoening. Ik teken ook over pedofilie zonder dat per se te veroordelen. Maar omdat ik dan denk: Hoe zit zo’n mens in elkaar? Ik probeer te begrijpen waarom ze tot zoiets komen. Het is misschien een zieke manier van respect voor iets banaals. Een fascinatie voor het banale, zonder het zelf te zijn.”
Willem Bentvelzen groeide op in Zeist en tekende in zijn jeugd ook al veel. Op de middelbare school maakte hij tekeningen voor de schoolkrant en tekende veel strips na. “Die strips zijn een soort tekenfilms. En daarom leek het mij wel wat om iets met animatie te gaan doen. Ik heb een opleiding gedaan in Hilversum via de Hogeschool voor de Kunsten. Maar nadat ik er begonnen was, bleek het niks voor mij te zijn. Animatie is voor mij te hoog gegrepen. Twee maanden lang aan eenzelfde filmpje werken, dat kan ik niet. Ik voelde veel meer voor het losse beeld en naast mijn studie, want ik heb die opleiding nog wel afgemaakt. Ging ik bijna dagelijks cartoons en illustraties maken. Ik ontdekte dat ik verslaafd raakte aan de kroontjespen en de inkt.”
Na zijn opleiding kreed Argibald een startstipendium toegewezen van het Fonds voor de Beeldende Kunsten. “Met dat geld en wat ik verdien aan vrij werk en opdrachten, kan ik redelijk goed leven.” Hij publiceert veel van zijn werk via websites als Foklog en Flabber en tekende in opdracht onder ander voor Rails Magazine, De Leeuwarder Courant en het stripblad Zone 5300, dat een springplank was naar Feyenoord Magazine waarvoor hij nu maandelijks een tekening maakt. “Met voetbal heb ik wel iets. Niet met een club, maar dat ik nu voor Feyenoord mag tekenen vind ik geweldig. Ja, het is een opdrachtgever, dus ik kan niet alles zomaar doen. Ik mag niet al te kritisch zijn. over de spelers en trainers. Maar die beperking vind ik niet erg. Die begrijp ik ook best. Dit is voor mij gewoon een discipline-oefening. En het is geen ramp dat er beperkingen zijn, want ik kan in mijn vrije werk alles doen wat ik wil. Daar heb ik een uitlaadklep.”
Aan de muren in zijn huiskamer hangen diverse tekeningen die hij maakte en uitvergrote tot grote schilderijen. “Is dat niet een beetje narcistisch als je iets van jezelf ophangt”, vraagt hij verontschuldigend. De schilderijen hingen onlangs nog op een expositie in theater Kikker in Utrecht. “Een expositie vind ik altijd iets moois, omdat ik dan naar buiten kan treden. Hier in huis zit ik maar te werken, maar bij een expositie krijg je reacties op je werk en dat biedt momenten van voldoening. En via de publicatie van cartoons op Foklog krijg ik reacties. Ik lees alle opmerkingen die er gemaakt worden over mijn werk. Bij het zoeken naar een eigen tekenstijl is communicatie heel belangrijk. Hoe komt het over en wat wil je zeggen? Soms communiceer ik nog wat moeilijk via mijn tekeningen. Dan begrijpt mijn moeder een grap niet die ik probeer uit te beelden. Ik vraag het mezelf wel eens af: wat wil je daar nu weer mee? Maar ik wil niet alleen klinische grapjes maken, ik wil mezelf blijven verrassen. Ik ben nog jong en de weg naar een vaste vorm en stijl is aangenaam om te volgen. Al knutselend kijk ik naar wat er ontstaat.”
(Interview: Ton van den Berg)
Fotoverslag Stripbeurs Breda (1)
Fotoverslag Stripbeurs Breda (2)
Fotoverslag Stripbeurs Breda (3)
Interview stripelmagazine (Als Vader Abraham van huis is..)
Boekreview FOK weblog (Als Vader Abraham van huis is..)
Sapsite (Artikel Expo Theater Kikker)
webcomic-review
Comicbase (Als Maandagochtend een gestalte had)
Goddeau (Als Maandagochtend een gestalte had)
8weekly (Als Maandagochtend een gestalte had)
Stripinfo (Lief Dagboek)
8weekly (Lief Dagboek)
"Lief Dagboek is de tweede cartoonbundel van Argibald. Zijn zwierige absurdistische cartoons zijn bijzonder grappig en het boekje leest als een trein. Argibald bewijst geen one-trick-pony te zijn; hij melkt zijn grappen niet eindeloos uit. Geen oeverloze series over dwergen, voorbinddildos en andere ongein waaruit het lang putten is. Argibald hopt met het gemak van de Edah naar antiglobalisten en van borstenmannen naar C-horrorfilms, zonder aan kracht te verliezen. Verfrissend dus en daarom hebben we nu al zin in zijn volgende album."
Stefan Nieuwenhuis (zone 5300)
....Een betere tekenaar met ook een gortdroge smaak in grappen maken is Argibald oftewel Jos Verstappen. Het album "Lief Dagboek" uit 2006, wederom mooi vierkant uitgegeven door Beedee (net als bij de bovengenoemde Olga van Farida Laan) is daarentegen veel absurdistischer en meer in de richting van Gummbah te plaatsen.
Het is zijn tweede publicatie na zijn debuutbundel "Als Maandagochtend een gestalte had" uit deze vierkante serie van uitgeverij Beedee. De woordgrappen zijn goed geplaast en de zwartwit tekeningen zonder gearceerde of grafisch harde vlakken maken zeer zeker de sfeer en het absurde van de grap. De lelijke koppen van de mannetjes en vrouwtjes zijn hier en daar iets expressiever neergekrast. Deze afwisseling tussen de tekeningen houdt het album levendig en het "hardop lachen" is af en toe goed raak. Een mooi streven voor de tekenaar zou zijn om meer van zijn cartoons op dit niveau te krijgen. Maar de balans tussen een zeer eigen tekenstijl en humor is wel degelijk op niveau aanwezig...
(Vera-krant)
Een aan lager wal geraakte gameshowhost staat op straat, met in zijn handen een grote letter, al fluisterend 'Heeeee pssssssst... Klinker kopen?' Deze en vele andere meesterlijke, soortgelijke, maar onnavolgbare grappen bevolken deze bundel van Argibald. Zijn werk is van het niveau van Gummbah, Kamagurka en Giesen, maar verder zijn de bijzonder originele grappen onvergelijkbaar.
(Stripnieuws)
Toe aan een publieksblad
De Haarlemse uitgeverij Bee Dee is gestart met een veelbelovende cartoonreeks. De eerste twee delen zijn van Argibald en Farida Laan. Argibald debuteert met Als Maandagochtend een gestalte had, een bundel weerbarstige cartoons. Zijn humor hangt ergens tussen de absurd-droge gedachtenkronkels a la Matthias Giesen en de gruwelijke absurditeiten in de lijn van Kamagurka. Sterke grappen over de dyslectische handlezeres, de literair macho (valt een cafe binnen en roept: "Valt hier nog wat te....lezen"!) en de penofiel worden afgewisseld met humoristische geweld rond kettingzagen, forse erecties en ernstige ziekten. De opzettelijk gekozen lelijke tkenstijl vergroot het vervreemdingseffect. Mensen kijken vaak droevig dan wel staren wezenloos voor zich uit, of vervormen in merkwaardige gedrochten. De Utrechtse (strip)tekenaar en animatiefilmer Argibald publiceert vooralsnog vooral op internet (www.stripster.nl, 3voor12.nl, editie Utrecht en zijn eigen website www.argibald.nl) en in het Utrechtse stripblad De Inktpot. Het word tijd dat een groter publieksblad of krant hem oppikt. Wat dat betreft komt de timing van Bee Dee prima uit. Een aanwinst!
Rik Sanders (Stripschrift)
Bizarre denkpatronen van Argibald
Hij is een jonge Utrechtse striptekenaar van 24 en barst van het talent. Zijn faam was tot voor kort voorbehouden aan sitebezoekers, maar de jonge uitgeverij Bee Dee biedt nu een groter publiek de mogelijkheid om kennis te nemen van de bizarre denkpatronen van Argibald.
Je moet er wel tegen kunnen. Argibald is niet, wat je noemt, fijnbesnaard. Zijn humor heeft iets stuitends. Wat Argibald doet, kan niet, maar is tegelijkertijd zo krankjorum dat het niet echt is en dus weer wel kan. Anders gezegd: hij gaat graag met cirkelzagen en andere grove benaderingen zijn onderwerpen te lijf. Dat levert geen mededogen op, maar keiharde constateringen, waarin de waarheid meesmuilend toekijkt. Wie door deze absurde beschouwingen heenkijkt, ontwaart weinig troost, weinig hoop op een beter leven, maar wel een heleboel afstandelijke humor, die onontbeerlijk is om problemen sec te kunnen ontleden. Wat te denken van zijn plaatje "De zin van het leven?" En Argibalds antwoord: "Al sla je me dood". Alleen voor de echte cynici onder ons.
(Haarlems Dagblad)

